top of page
  • Foto van schrijverJet Dingemans

Hoe slaapt een baby van 3-6 maanden oud?



Vaak zie je na 3 maanden dat je kindje ineens een stukje bewuster en wakkerder is, letterlijk en figuurlijk. Langzaam gaat je kindje wat minder vaak slapen en zie je een patroon van 4 slaapjes ontstaan. Er is nog niet echt een voorspelbaar ritme, hoewel zich dat vanaf 3 maanden wel kan ontwikkelen. Nog steeds is het belangrijker dat je meebeweegt op de behoefte van je kleintje en eerder de wakkertijden volgt dan dat je een vast schema ‘op de klok’ hebt. Het gaat nu meer om wanneer je baby slaapt, hoe lang is minder van belang. Zeker tijdens de 3 maanden sprong en de 4 maanden slaapregressie kun je zien dat kindjes korte dutjes gaan doen en meer moeite hebben met inslapen.


Ritme: de meeste kindjes doen het goed op een maximale wakkertijd van 90 minuten in deze fase.

Dutjes: er ontstaat langzaam een patroon van 4 dutjes. Zijn de dutjes heel kort of wordt je kindje heel vroeg wakker dan kan er een dutje meer voorkomen (en kort je de wakkertijd zo nodig in).

Nacht: Je baby kan nu wat eerder de nacht in gaan, en vaak zie je een langer ‘blok’ slaap van zo’n 6 uur in de avond/nacht. Doet je kindje dat nog niet? Geen zorgen, dat hoeft zeker nog niet. Er kan ook juist weer wat extra onrust ontstaan onder invloed van de sprong en slaapregressie. Het lijkt dan alsof je een stapje terug doet, maar dit hoort bij de normale ontwikkeling.


Slaaptips voor baby’s van 3-6 maanden oud:

  1. Blijf activiteiten voorspelbaar houden en probeer zo goed mogelijk op de wakkertijden te letten. Overleg dit ook met de opvang als je in deze periode weer aan het werk gaat.

  2. Oefen met eigen slaapassociaties door je baby slaperig in het bedje of de kinderwagen te leggen. Begin met een beknopt bedtijdritueel in gedimd licht.

  3. Veel ouders maken aan het eind van deze periode de overstap van het wiegje of de co-sleeper naar een ledikantje. Geef je borstvoeding? Dan kan het juist ook fijn zijn om wat langer samen te blijven slapen. Hierin is geen goed of fout, doe wat bij jullie past.

  4. Zorg voor voldoende voedingen overdag en geef een droomvoeding voor je zelf gaat slapen.

  5. Wissel het naar bed brengen af tussen verzorgers. Zo went je kleintje eraan dat er meer dan één manier is om te gaan slapen.


In deze periode beginnen slaapassociaties te ontstaan waar je kindje aan went. Hoewel je je kleintje echt nog niet kunt verwennen, is het handig als je nu ook gaat oefenen met eigen slaapassociaties. Vind je het fijn om tips en handvatten te krijgen die passen bij jullie situatie? Neem contact op.


0 opmerkingen

Comments


bottom of page